Een zieke werknemer tapt biertjes in het café van een vriend. De werkgever ziet het, trekt de voor de hand liggende conclusie en ontslaat hem. De rechter fluit terug. Billijke vergoeding: €19.000. En niemand is verbaasd. Behalve de werkgever.
Het vonnis
RTL Nieuws berichtte er deze week over: een zieke werknemer die in het café van een vriend een avondje glazen opruimde en biertjes tapte. Hij werd ontslagen. De kantonrechter floot de werkgever terug. Ontslag onterecht. De werkgever had de bedrijfsarts moeten laten beoordelen of het biertjes tappen te belastend was — in plaats van dat zelf te doen.
Lees die laatste zin nog eens. Een werkgever ziet zijn zieke medewerker letterlijk werken — glazen sjouwen, tappen, klanten bedienen — en mag daar niet zelf een conclusie aan verbinden. Dat is aan de bedrijfsarts. Want het beoordelen of fysieke arbeid belastend is voor iemand die ziek thuis zit, is “in beginsel een medisch oordeel.”
Het is het Nederlandse arbeidsrecht in één vonnis.
Het medische wonder dat iedereen kent
Elke werkvloer in Nederland kent het fenomeen. De collega die te ziek is om twee uur per week achter een bureau te zitten, maar die wél acht uur op een surfplank staat. De collega die niet tegen de druk van deadlines kan, maar in zijn vrije tijd een aanbouw aan zijn huis coördineert, inclusief vergunningsaanvraag en drie aannemers. De collega die niet kan functioneren in een team, maar voorzitter is van de lokale voetbalvereniging.
Het systeem heeft er een prachtige verklaring voor: werk is niet hetzelfde als activiteit. Dezelfde handeling — organiseren, tillen, communiceren, fysiek bezig zijn — is gezond als je het vrijwillig doet en ziekmakend als je ervoor wordt betaald. Het is het enige domein in de geneeskunde waarin de behandeling bestaat uit het behouden van het salaris in plaats van het wegnemen van de symptomen.
In dit geval: biertjes tappen voor een vriend is een activiteit. Biertjes tappen voor een werkgever zou arbeid zijn. Het verschil? De loonstrook.
De werkgever als toeschouwer van zijn eigen ondergang
Wat deze zaak zo pijnlijk illustreert, is de positie van de werkgever. Hij ziet wat iedereen ziet. Hij weet wat iedereen weet. En hij mag niets. Althans — hij mag één ding: het proces volgen.
Het proces. Dat eindeloze, bureaucratische, kafkaëske proces. Bedrijfsarts inschakelen. Wachten op het oordeel. Plan van aanpak opstellen. Evalueren. Bijstellen. Opnieuw evalueren. En vooral: niet zelf nadenken. Niet zelf concluderen dat iemand die achter een bar staat misschien ook achter een bureau kan zitten. Dat is een medisch oordeel. En medische oordelen zijn voorbehouden aan de bedrijfsarts — de professional die de werknemer één keer per zes weken vijftien minuten ziet en op basis daarvan bepaalt wat twee jaar lang de waarheid is.
De werkgever in deze zaak deed wat elke gefrustreerde werkgever wil doen: ingrijpen. Hij zag zijn zieke werknemer werken en trok de voor de hand liggende conclusie. Die conclusie kostte hem €19.000. Plus de proceskosten. Plus het signaal aan de rest van de organisatie: je mag ziek zijn en biertjes tappen, zolang de bedrijfsarts het niet heeft verboden.
die achter een bar staat misschien ook achter een bureau kan zitten.
Dat is een medisch oordeel.
Wat de collega’s denken maar niet mogen zeggen
Ergens in dat bedrijf zitten collega’s. Collega’s die de diensten van de zieke collega hebben overgenomen. Collega’s die vakantiedagen hebben ingeleverd omdat het rooster niet rondkwam. Collega’s die al maanden dubbel draaien.
Die collega’s hebben het nieuws ook gelezen. Ze denken allemaal hetzelfde. Ze zeggen het niet. Want dat is “niet empathisch.” Dat is “niet collegiaal.” Dat is “niet de plek.”
Op de werkvloer wordt het besproken met gedempte stemmen. “Heb je het gelezen?” “Ja.” “Negentienduizend euro.” “Tja.”
Tja. Het Nederlandse codewoord voor: dit is niet eerlijk, maar ik heb het opgegeven.
Het Nederlandse codewoord voor:
dit is niet eerlijk, maar ik heb het opgegeven.
Het systeem werkt — alleen niet voor wie werkt
Dit verhaal is geen incident. Het is een symptoom. Een symptoom van een systeem dat zo bang is om de oprecht zieke onrecht aan te doen, dat het de rest van de werkvloer vergeet. Een systeem dat werkgevers dwingt om toeschouwer te zijn. Dat managers muilkorft. Dat collega’s laat bloeden. En dat de werknemer die biertjes tapt €19.000 meestuurt als afscheidscadeau.
Het is een systeem dat de zieke beschermt. En de gezonde vergeet.
Ergens in Nederland rijdt een collega naar huis na een dubbele dienst. Bij het stoplicht pakt ze haar telefoon. Ze leest het artikel. Ze denkt aan haar eigen zieke collega. Aan de diensten die ze heeft overgenomen. Aan de vakantiedag die ze volgende week moet inleveren.
Ze legt haar telefoon neer. Het stoplicht wordt groen.
Morgen doet ze het weer. Want iemand moet het doen.
Artificial Red · 2026
“Doe gewoon je ******* werk!”
Dit artikel is geïnspireerd op Hoofdstuk 18 — Ziekteverzuim en Reïntegratie uit het boek Doe Gewoon Je Werk. Een boek over alles wat er mis is met werken in een hedendaagse organisatie. En een oproep om gewoon je werk te doen. Zonder de bullshit.